2018-08-30

DOOD EN VRIJHEID

EMINA

Toen ik gisteravond thuiskwam uit de hamam,
kwam ik langs het hofje van de oude imam.
Kijk, daar in de tuin vlak onder de jasmijn – de
gieter in haar hand – stond zijn dochter Mijntje.

Wat een schoonheid was ze! ‘k Durf erop te zweren:
zelfs aan keizershoven zou ze excelleren.
Haar manier van lopen, hoe haar schouders welven
- ’t beste amulet zelfs zou me nog niet helpen.

‘Goedenavond’ zei ik, maar dat ging verloren,
want dat mooie Mijntje had daarnaar geen oren,
druk haar zilveren gieter vol water te doen en
door de tuin heen lopend bloemen te besproeien.

’t Windje dat van boven om haar schouders speelde,
spreidde al de pracht van haar vlechtenweelde.
Haren met de geur van blauwe hyacinten
die mijn hoofd verwarde en mijn bloed deed tintelen!

‘k Stond daar haast te wankelen, zwaar vervuld van dromen,
maar zij deed geen moeite naar mij toe te komen.
Slechts een stuurse blik keurde zij mij waardig.
Háár zorg niet, de ondeugd, dat ik gek van haar ben!
(1 juli 2018)

 

>inhoud


 



  Website gebouwd door intronet